Legendarische matchen: Liverpool wint de UEFA Cup na een knotsgekke wedstrijd tegen Alavés

Vier jaar vóór het wonder van Istanbul in 2005 versloeg Liverpool Deportivo Alavés in een duizelingwekkende UEFA Cup-finale. Dat jaar slaagden de Reds erin om op twaalf maanden tijd liefst vijf trofeeën te verzamelen.

De 48.000 toeschouwers in het Westfalenstadion in Dortmund kregen op de avond van 16 mei 2001 op zijn zachtst gezegd waar voor hun geld. In Duitsland boden Liverpool en de verrassende Spanjaarden van Deportivo Alavés een van de mooiste finales uit de geschiedenis van de UEFA Cup (voorloper van de Europa League), met niet minder dan negen doelpunten in 120 minuten.
 
De Reds van Gérard Houiller waren logischerwijs favoriet, nadat ze nog maar vier dagen eerder de FA Cup hadden gewonnen en FC Barcelona in de halve finale hadden uitgeschakeld. Van hun kant had Deportivo Alavés alle verwachtingen overtroffen door deze fase van de competitie te bereiken met hun eerste aantreden, door met name Inter Milan en Kaiserslautern achter zich te laten. Het was dan ook niet verwonderlijk dat de teamgenoten van Jordi Cruijff, zoon van de legendarische Johan, hun huid duur zouden verkopen in de finale.

Spanjaarden met karakter

De wedstrijd begint ideaal voor de Reds – onder leiding van de jongeren Jamie Carragher, Michael Owen en Steven Gerrard. Na een kwartier is de stand al 2-0 dankzij doelpunten van Markus Babbel en Gerrard. Mané, de responsieve coach van Alavés, voert daarop meteen een tactische aanpassing door die doorslaggevend zal blijken te zijn. Hij schakelt een verdediger uit om Ivan Alonso naar voren te halen. Die laatste verkleinde de achterstand al vier minuten na zijn binnenkomst.
 
Maar Liverpool geeft geen duimbreed toe en krijgt zelfs een penalty, die vakkundig wordt binnegetrapt door Gary McAllister. Met een 3-1 stand tijdens de rust lijkt het pleit beslecht. Later zal Michael Owen toegeven dat hij op dat moment al in de hemel was: “Het was de eerste keer in mijn leven dat ik opgewonden was toen ik tijdens de pauze terugkeerde naar de kleedkamer, wetende dat we zouden winnen. Enfin, dat dacht ik toch…” Het vervolg van de wedstrijd zal inderdaad moeilijker dan verwacht zijn voor Liverpool.
 
Na de rust zien de Reds huun voorsprong helemaal verdwijnen in een 3-3 gelijkstand, dankzij een brace van Javi Moreno. Op 20 minuten van het fluitsugnaal denkt Robbie Fowler dat hij het verlossend doelpunt voor Liverpool heeft gescoord (4-3), maar Cruijff maakt in extremis nóg maar eens gelijk en brengt de score aan het einde van de reguliere speeltijd op 4-4. Alles hangt nu af van die ene golden goal in de verlengingen…

Vijf trofeeën in één jaar voor de Reds

Het einde van de wedstrijd verloopt aanvankelijk evenwichtig maar de Spanjaarden moeten terugvallen op tien spelers en vervolgens zelfs op negen, na twee rode kaarten. In de tweede verlenging kent de wedstrijd een dramatische laatste wending: een vrije trap van McAllister wordt door Delfí Geli in de 116de minuut in eigen doel gewerkt. Een wreed einde voor het verrassende team, en een zevende Europese trofee voor Liverpool, de eerste sinds 1984.
 
De Reds, winnaar van de wedstrijd die door velen wordt geprezen als een van de meest opwindende finales in de recente geschiedenis, zijn dat seizoen niet te stoppen. Een paar maanden later verslaan de Engelsen Bayern München, winnaar van de Champions League, in de Europese Supercup. Liverpool wordt daarmee het eerste Engelse team dat vijf trofeeën in één kalenderjaar wint, nadat ze al de FA Cup, de League Cup en het Charity Shield wonnen.

UEFA Europa League

Bekijk alles
Top