Amper 48 uren na de lancering van een plan dat het Europese (top)voetbal op zijn grondvesten deed daveren, moeten de initiatiefnemers van de zogenaamde Super League met de staart tussen de benen afdruipen. De zes Engelse clubs zien af van deelname en drijvende kracht Andrea Agnelli (Juventus) conludeerde daaruit dat het project "niet kan doorgaan."

Even stormachtig als de manier waarop de twaalf Europese topclubs die een aparte, gesloten competitie wilden vormen hun plannen zondagnacht bekend maakten, wordt de zaak nu helemaal teruggedraaid. Een gevolg van de lawine aan kritiek die deze ‘dissidenten’ te beurt viel nadat het nieuws bekend raakte.

Zes van de twaalf clubs gaven ondertussen aan dat ze afzien van hun intenties om in de Super League te stappen: eerst Manchester City, gevolgd door Arsenal, Liverpool, Tottenham, Manchester United en Chelsea. Alle Engelse clubs dus.
“We hebben een fout gemaakt en daarvoor willen we ons verontschuldigen,” meldde Arsenal in een officieel perscommuniqué. Daarmee inspelend op de druk van de eigen supporters, de verscheidene voetbalfederaties en zelfs de politiek.

De plotse mentaliteitswijziging bij de Engelse topclubs zorgde voor een domino-effect. Ook Inter Milaan keerde zijn kar snel. Het Italiaanse persagentschap Ansa en een bron binnen de club claimen dat “in het huidige klimaat Inter niet langer geïnteresseerd is in het project van de Super League.”

Woensdag moest Andrea Agnelli, voorzitter van Juventus en bezieler van het project, erkennen dat de Super League "niet kan doorgaan." Pérez en zijn collega’s van de Europese topclubs zien in dat de kritiek zo totaal en furieus is dat hun Super League een doodgeboren kind wordt. Belangrijke tv-verdelers en productiehuizen lieten bijvoorbeeld al weten dat ze weigeren de beelden van die Super League uit te zenden.

Voetbal als industrie

De twaalf clubs -met naast de zes Engelse namen ook nog Barcelona, Atlético Madrid, Real Madrid, Inter Milaan, AC Milaan en Juventus- dachten met hun revolutionaire plan van een eigen Super League de wereld te kunnen veroveren. Mikkend op een serieuze verhoging van kijkcijfers en dus tv-inkomsten, en vooral ook op het consolideren van de eigen machtspositie. Want: een systeem zonder dalers, dus ‘gesloten’, waarbij deze twaalf elk jaar verzekerd zouden zijn van de vetpotten.

Zonder de verplichting om daarvoor te moeten presteren in de nationale competitie, zoals nu wel het geval is met de Champions League. Een slecht seizoen in de vaderlandse competitie betekent immers geen deelname aan de Europese vetpotten het jaar nadien. Of zoals Agnelli het ziet: “Het voetbal is een industrie geworden, dat nood heeft aan stabiliteit. Voetbal is geen spelletje meer. Er zijn economische regels en strikte financiën voor nodig.” 

Straf record

De Europese pers verkneukelt zich op de hele affaire. Met titels als "Super Ridicule" in Marca of de gezaghebbende Italiaanse sportkrant Gazetto dello Sport dat spreekt van een straf record: “In 48 uren tijd slaagden de organisatoren van de Super League erin om Europese politieke leiders, het Europees parlement, de verschillende internationale sportfederaties, de hele internationale pers, de voetbaltrainers en spelers, en zelfs de bedrijfswereld tegen zich in het harnas te jagen.”

“De initiatiefnemers hebben volledig verkeerd ingeschat welke storm ze zouden ontketenen”, bedenkt L’Equipe. En dan vooral de weerspannigheid die uit Engeland zou losbarsten.

Sancties?

Wat rest is een regelrechte farce. Hoe moet het nu verder met dit zeer ambitieuze, rebelse superproject? Met zo’n nefaste start valt het moeilijk in te beelden dat alles netjes naar een volgende fase zal evolueren. Het débacle legt ook wel een aantal sluimerende problemen bloot binnen de Europese voetbalwereld, met name de tegenstellingen tussen de rijke clubs -die steeds meer claimen- en het principe van solidariteit en fair play -sport moet strijd zijn, met de onzekerheid over de uitkomst die daarbij hoort.

Wat zal er nu gebeuren met de dissidente clubs: riskeren zij sancties van de UEFA of FIFA? Zal de nieuwe formule van de Champions League vanaf 2024 -een plan dat maandag eveneens uit de doeken werd gedaan, maar door alle hetze een beetje ondergesneeuwd raakte-  behouden worden?

Aleksander Ceferin van UEFA en Gianni Infantino, zijn ambtgenoot bij de wereldvoetbalbond FIFA, dreigen er mee om spelers die deelnemen aan de Super League uit te sluiten van EK’s of WK’s. Een dreigement waarop Florentino Pérez (Real Madrid) geanticipeerd had, want hij had laten uitpluizen dat zulke sancties helemaal geen juridische grond hebben. De UEFA overweegt ook om drie van de clubs die nu in de halve finales van de Champions League staan te zullen uitsluiten: Man City, Chelsea en Real Madrid. Maar ook dat ligt toch moeilijk en druist in tegen de regels van het spel.

Voetbal als winnaar

Winnaar van dit débacle lijkt alvast het voetbalspelletje zelf te worden. Een zege op de grote actoren en de bobo’s in het wereldvoetbal. Gesymboliseerd door de protestmars van de Chelseasupporters dinsdag naar het door hen zo geliefde Stamford Bridge.

Meer dan die dreigementen van de officiële instanties is het dat protest vanuit de buik van de sport dat de situatie zo plots deed kantelen. De spelers van Liverpool bijvoorbeeld, stelden een gezamenlijk communiqué op om hun afkeer van het project te uiten. Daarin gevolgd door Pep Guardiola, de succestrainer van Man City: “Sport kan niet bestaan uit de garantie op succes of wanneer verliezen geen enkel belang meer heeft.”

Ook Rode Duivel Kevin De Bruyne, ondertussen uitgegroeid tot een wereldvedette, liet zijn stem horen via zijn sociale media: “Ik heb in België, Duitsland en Engeland gespeeld. Ik heb tegen iedereen gestreden om het ultieme te bereiken. En strijden is het belangrijkste woord. Met alles wat er de voorbije dagen gebeurd is, is dit misschien het goeie moment voor iedereen om samen te komen en een oplossing te zoeken.”

Verzoenende woorden

En ook de voetbalfederaties komen hier als overwinnaar uit. Al jaren onder druk gezet door de topclubs, en nu plots met de steun van de fans gesterkt in hun strijd tegen die machtige, rijke clubvoorzitters. Of zoals UEFA-voorzitter Aleksander Ceferin het verwoordde: “Die slangen, enkel gedreven door hebzucht.”

Aan de initiatiefnemers van de Super League en de voetbalfederaties om nu de strijdbijl te begraven en constructief tot een oplossing te komen. In een verklaring woensdag pleit Ceferin er alvast voor “de eenheid in het Europese voetbal weer op te bouwen” en “samen vooruit te gaan”. “Het is lovenswaardig om je fout toe te geven en deze clubs hebben een grote fout gemaakt. Ze horen nu opnieuw tot onze rangen en ze hebben veel te bieden, niet alleen voor onze competitie maar voor het hele Europese voetbal.”