Nadat Olympique Lyon net de 2-1 op het bord had geprikt na vermeend buitenspel kreeg Manchester City-spits Raheem Sterling in minuut 86 de ultieme kans om City alsnog voor het eerst tot in de halve finales van de Champions League te helpen. Maar het lot, en Sterling’s voeten, besliste daar anders over.

De nieuwe driemansverdediging én tactische wijzigingen bij Manchester City deden meer kwaad dan goed tegen een uitgekookt Lyon dat eerder al Juventus in de achtste finales kon uitschakelen door goed te voetballen. City mocht de bal hebben, Lyon wou de kansen. 

Het nieuwbakken plannetje van City-coach Pep Guardiola bracht veel verwarring op het veld. Aan de rust stond het 1-0 voor Lyon en bij Manchester City liep het voor geen meter. Als je dan weet dat je beste spelers, uitgezonderd Kevin De Bruyne, het die dag liet afweten weet je dat het een moeilijke avond wordt.

Uitblinker in negatieve zin van het woord was Raheem Sterling. De Engelse spits had eerder die avond onze Kevin De Bruyne op een assist getrakteerd en kreeg nu zelf de kans om City op gelijke hoogte te brengen. Spitsbroeder Gabriel Jesus verstuurde in de 86e minuut een bal naar Sterling die de spits alleen voor open doel bracht zodat hij enkel maar binnen hoefde te tikken, de goden te bedanken en zich op moest maken voor de laatste vier minuten reguliere speeltijd. Maar Sterling zou Sterling niet zijn als hij niet besloot om wild over te trappen. Dit tot grote frustratie van Pep Guardiola die naarstig op zoek ging naar de laatste overgebleven plukjes haar op zijn hoofd om uit te trekken.

Als klap op de vuurpijl kon Lyon na deze enorme misser van Sterling via Moussa Dembélé enkele minuten later verder uitlopen tot 1-3. Dat betekende boeken toe voor Manchester City. Ook dit jaar zal de ploeg uit van Pep Guardiola en Kevin De Bruyne geen aanspraak kunnen maken op de Champions League-eindoverwinning.