World Music Day: dit zijn enkele keerpunten uit de geschiedenis van de muziekdragers

Muziek | Sinds de Fransman Édouard-Léon Scott de Martinville voor het eerst een menselijke stem kon opnemen, hebben we een lange weg afgelegd op gebied van muziekdragers. Proximus Pickx blikt terug op enkele keerpunten uit de geschiedenis van de muziekdragers.

Door Proximus

Deel dit nieuws

Niet Edison

Vaak wordt de fonografische opname van de beroemde Amerikaanse uitvinder Thomas Edison uit 1877 als startpunt genoemd van de technologische ontwikkeling van muziekdragers. Maar 17 jaar eerder slaagde de Franse uitgever Édouard-Léon Scott de Martinville er al in om voor het eerst een geluidsopname te maken met zijn vertolking van het slaapliedje 'Au clair de la lune'. Destijds was de opname niet afspeelbaar, maar dankzij een Amerikaanse onderzoeklabo kon in 2008 de opname uit de 19de eeuw terug afgespeeld worden.



Het was uiteindelijk Thomas Edison die, net zoals hij bij de gloeilamp deed, het concept van geluidsopnames op een wasrol wist te perfectioneren en op de markt kon brengen. De wasrol bleef een commercieel succes tot de jaren 1910, toen de grammofoonplaat aan populariteit won. Aanvankelijk werden deze platen gemaakt van schellak, hetzelfde wasachtige materiaal dat je nu nog kan zien als blinkende laag op citroenen en snoepjes. Sinds de jaren 1950 maakte de vinylplaat zijn opgang.

Beatlemania

Het klinkt misschien vreemd, maar we hebben het aan het succes van The Beatles te danken dat de langspeelplaat (of vinylplaat) is doorgebroken en nog steeds enige populariteit geniet. Tot in het begin van de jaren 1960 brachten populaire artiesten zoals Elvis Presley hun muziek uit op singles (de zogeheten 45 toerenplaat) omdat dit nu eenmaal goedkoper was. 

Dit alles veranderde in 1964 met de British Invasion, het succes dat The Beatles oogstten in de Verenigde Staten. In tegenstelling tot andere artiesten maakten The Beatles vaker gebruik van de langspeelplaat om hun albums uit te brengen. Ze maakten van langspeelplaten als 'Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band' echte kunstwerkjes die de tand des tijds zouden doorstaan, schreef journalist Andy Greene van het muziekblad Rolling Stone destijds.

Limburgse uitvinding

De magneetband als geluidsdrager zag al in 1935 het levenslicht, maar het was pas dankzij het werk van de Nederlandse ingenieur Lou Ottens dat de cassette wereldwijd populair werd als medium om snel en goedkoop muziek te verspreiden. In de jaren 1960 was Ottens chef productontwikkelaar van Philips Hasselt en ontwierp hij de eerste draagbare cassetterecorder. Om het formaat te bepalen, bewerkte hij een blok hout tot het in zijn jaszak paste. Daarna zette hij zijn twaalfkoppig team van Belgische en Nederlandse ingenieurs aan het werk om de mechaniek van de compacte cassette te ontwikkelen. Het resultaat presenteerde zijn team in 1963 aan de wereld.

Dat de cassettespeler wereldwijd zo populair is geworden als muziekdrager, is te danken aan de beslissing van Philips om geen licentievergoeding te vragen aan andere fabrikanten. Het Nederlandse bedrijf bezat het patent op de compacte cassettespeler en mocht dus geld vragen aan andere bedrijven om het kleinood in licentie te maken, maar deed dit niet.

Negende symfonie

Al in 1974 begon de ontwikkelingsafdeling van Philips te werken aan een muziekschijf die met een optische lezer beluisterd kon worden. In 1979 werd het eerste prototype aan de internationale pers voorgesteld, waarna de Japanse elektronicafabrikant Sony interesse toonde. Samen met Philips stelde Sony het ontwerp op punt en maakten de fabrikanten afspraken over de codering van muziekgegevens op de geluidsdrager. Het resultaat werd in 1982 aan de wereld voorgesteld.

Dankzij de cd konden muziekliefhebbers 74 minuten aan muziek beluisteren in zeer hoge kwaliteit. Een populaire mythe luidt dat fabrikant Sony dit formaat wilde omdat de negende symfonie van Beethoven op een enkele cd zou passen. In werkelijkheid werd de beslissing genomen uit pragmatisme: met het huidige formaat moest cd-fabrikant Philips zijn productielijn niet ombouwen.

Suzanne Vega

Voor een laatste sprong in de tijd blikken we terug naar de eerste experimenten met MP3, het bestandsformaat voor digitale audio dat sinds de begin van de jaren 2000 de wereld veroverde. Het vernuftige van een MP3-bestand zit in het principe van compressie: alle onhoorbare elementen in een muziekopname worden verwijderd tot je een klein bestand overhoudt.

Om de compressietechniek te ontwikkelen, was de Duitse doctoraatstudent Karlheinz Brandenburg in 1993 op zoek naar een lied dat heel moeilijk te compresseren was. Op een dag hoorde hij het nummer 'Tom's Diner' van Suzanne Vega op de radio en was hij meteen weg van het nummer. "Ik vond het een geweldig nummer, want ik wist dat het een grote uitdaging zou worden om haar warme a-capellastem te compresseren zonder dat haar zang slecht klonk", legde hij later uit in een interview.

De toekomst?

Dankzij streamingdiensten als Apple Music en Tidal maakt ongecomprimeerde muziek een steeds grotere opmars. Muziekliefhebbers houden van de hoge kwaliteit van zogeheten "lossless nummers", die niet te onderscheiden zijn van de originele opnames. Voor het afspelen van zulke muziek heb je wel aangepaste apparatuur nodig. Zo is het momenteel bijvoorbeeld niet mogelijk om lossless muziek te beluisteren met de huidige generatie van Bluetooth-hoofdtelefoons.

Wat de toekomst in petto heeft voor de muziekindustrie is moeilijk in te schatten. Het staat wel vast dat na de coronacrisis veel meer jongeren de drang voelen om muziek vaker live te beluisteren, wijst Amerikaans onderzoek uit volgens het vakblad Mixdown. Proximus speelt in op deze trend door dit jaar verschillende muziekfestivals te livestreamen. Meer informatie hierover kan je hier vinden.

Kijk wat je leuk vindt, waar en wanneer je wilt.

Ontdek Pickx Inloggen

Top

Top