Sterallures: Tim Henman, de 'net niet' koning van Wimbledon

In sport heb je winnaars en verliezers. Maar wat te zeggen van iemand die zes keer de halve finales bereikt van een grandslamtoernooi… zonder ooit eens door te stoten naar de finale? Dat is het verhaal van Tim Henman, lange tijd een van de lievelingen van het Britse tennis, in onze volgende episode van ‘Sterallures’.

Tim Henman heeft tennis in het bloed. Dat mag je bijna letterlijk nemen, want liefst drie familiegeneraties voor hem speelden de balsport ook op hoog niveau. Zoals elk Brits jongetje droomt hij van één ding: ooit het prestigieuze toernooi van Wimbledon winnen.

In 1980, amper zes jaar oud, maakt kleine Tim voor het eerst kennis met het heilige gras in Londen. Een ervaring die het pad van de toekomstige nummer vier van de wereld danig zal inspireren. “Mijn moeder had me meegenomen en plots zat ik daar in de tribunes van Center Court te kijken naar Bjorn Borg. Hij had de voorgaande vier edities gewonnen en gold dus als een soort God. Meteen voelde ik een mentale klik bij mezelf. Dit zou mijn obsessie worden voor de rest van mijn leven. Ik wilde zelf ooit op dat tennisveld staan. Ik ging zelfs nog een stapje verder: ooit wil ik hier winnen, zei ik tegen mezelf.”

De grote doorbraak

Dankzij dat aangeboren tennisgen en dan ook nog eens een familie die in de tuin een heus grastennisveldje liet aanleggen, kan Tim Henman zich in optimale omstandigheden voorbereiden op een professionele carrière in zijn favoriete sport. Een eerste claim to fame volgt in 1994, wanneer Henman op 19-jarige leeftijd debuteert op Wimbledon. Het avontuur eindigt evenwel al in de eerste ronde. Een proevertje.

Het jaar nadien haalt de jonge Engelse tennishoop de tweede ronde van zijn geliefde toernooi. Daarin komt hij uit tegen… Pete Sampras. Op dat moment dé absolute ster van het mondiale tennis en tweevoudig winnaar in Wimbledon. Sampras en Henman zullen elkaar dat jaar nog verschillende keren tegenkomen in het circuit. In 1996 rukt Henman op in het ATP-klassement en behoort hij voor het eerst bij de beste dertig tennissers ter wereld. In Doha speelt hij dan ook zijn eerste finale op een ATP-toernooi. De voorbode van nog meer lekkers in 1997, een jaar waarin hij met Sydney en Tachkent zijn twee eerste grote toernooien wint en opklimt naar de 17de plek in de wereldranking.

Het vervloekte gras van Wimbledon

In 1998 bereikt Tim Henman voor het eerst de halve finales van Wimbledon en een heel Brits koninkrijk gaat al aan het dromen over een opvolger van Fred Perry, de Engelsman die het toernooi won in 1936. Maar opnieuw is het Pete Sampras die de weg verspert naar eeuwige glorie. Een scenario dat een jaar later herhaald wordt.

Drie jaar later, we schrijven 2001, lijken er voor Henman andermaal mogelijkheden te liggen op het heilige gras van Wimbledon. De Brit is een constante factor geworden in het mannentennis en bekleedt de 11de plaats in de wereldranking. In de halve finales neemt hij het op tegen Goran Ivanisevic, in de jaren 90 een vedette maar op dat moment teruggevallen tot nummer 125 in het ATP-klassement. Sampras, de grote nemesis van Henman, ligt al uit in het toernooi. Na een nederlaag tegen ene Roger Federer, een nieuwe rijzende ster aan het tennisfirmament, maar in de kwartfinales nog wel een maatje te klein voor Henman.

De halve finale tegen Ivanisevic wordt er eentje voor de geschiedenisboeken: een heroïsch duel gespreid over drie dagen, een cadeautje van het altijd onvoorspelbare Engelse klimaat. Henman slaagt erin tot op twee ballen van de zo begeerde finale te komen, maar moet uiteindelijk na vijf slopende sets de duimen leggen tegen Ivanisevic. Weg droom.

De machtswissel

Het jaar daarop bereikt Henman nog maar eens de laatste vier van zijn favoriete toernooi, maar stuit dit keer op een Lleyton Hewitt in topvorm. Het zal de laatste keer blijken dat de lieveling van het Britse tennis zo ver geraakt op misschien wel het meest prestigieuze Grand Slam-event van allemaal. Pijnlijk, want Henman zal op die manier de geschiedenis ingaan als de enige man die meer dan 40 wedstrijden won op Wimbledon (43 om precies te zijn) zonder dat hij ooit het toernooi won.

Nog tweemaal komt Henman dicht bij een eindzege in een Grand Slam-toernooi, in 2004 sneuvelt hij echter zowel op Roland Garros (tegen Coria) als de US Open (tegen Federer) in het zicht van de finale. Die nederlagen luiden het begin van het einde in voor de dan 31-jarige Brit, die in oktober 2005 deelneemt aan een toernooi in Bali en daar al in de eerste ronde gewipt wordt door een jong talent. Zijn naam? Andy Murray. De nieuwe Britse tennishoop. “Zonder Tim was ik nooit met tennis begonnen”, vertelt de jonge Murray na die zege. “Hij was zo’n grote inspiratiebron. Daarom is dit mijn belangrijkste overwinning ooit, een dag die ik nooit meer zal vergeten. Ik probeerde op het einde van de wedstrijd mijn emoties te verbergen, maar het werd me te veel.”

Uiteindelijk zou het Andy Murray zijn die zich tot opvolger van Fred Perry kroont en zo Britse tennisgeschiedenis schrijft. Hij mocht Wimbledon zelfs tweemaal op zijn palmares schrijven, in 2013 en 2016. Tim Henman nam in 2007 definitief afscheid als professioneel tennisser, geplaagd door een reeks blessures.

Fan van deze rubriek? Lees dan ook ons vorig artikel van Sterallures, over het knotsgekke succes van Matt Steigenga.

 

Sport

Bekijk alles
Top