Een tienjarig onderzoek van de onderzoeksgroep MOVE (Movement and Nutrition for Health and Performance) aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) heeft aangetoond dat een deel van de Vlaamse volwassenen steeds meer kiest voor flexitarisme. In hun veranderde eetgewoonten laten ze minstens drie dagen per week vlees of vis links liggen. De stap naar strikte plantaardige eetpatronen zoals veganisme en vegetarisme blijft voor velen nog te groot.
De studie van onderzoeksgroep MOVE werd uitgevoerd in samenwerking met Ethisch Vegetarisch Alternatief (EVA). Over een periode van tien jaar werd er tijdens meetmomenten in 2011, 2013, 2016, 2018 en 2020 gepeild naar de eetgewoonten van 4.859 deelnemers. De resultaten tonen een duidelijke shift in het omnivore eetpatroon van Vlaamse volwassenen. Met name in het jaar 2016 vindt er een omslag plaats.

"Terwijl de overgrote meerderheid van de populatie omnivoor is, zien we in 2016 een piek in de consumptie van plantaardige producten. In 2016 gaat 10 procent van de respondenten, tegenover 5 procent in 2011, zichzelf beschouwen als flexitariër. Veganisme of vegetarisme is mogelijks voor sommigen nog een te grote stap, waar flexitarisme een haalbaar compromis lijkt voor een verminderde vlees- en visconsumptie", stelt onderzoeker Tom Deliens vast.

De meerderheid van de deelnemers die geneigd is om plantaardige eetpatronen aan te houden zijn jongere vrouwen met een hogere opleiding uit stedelijke gebieden. Na 2016 is er wel een stagnatie in het groeiend aantal flexitariërs. De onderzoekers gaan ervan uit dat de plotse piek voornamelijk te danken was aan de vele sensibiliseringscampagnes die in Vlaanderen gelanceerd werden, zoals Dagen Zonder Vlees, Donderdag Veggiedag of Try Vegan.