De voorbije vijf decennia leverde de voetbalklassieker PSG - Marseille heel wat memorabele matchen op. Zoals in maart 2003, toen een zekere Ronaldinho zijn duivels ontbond op de grasmat van het Stade Vélodrome.

Er was ooit een tijd waarin PSG niet de pletwals was dat het nu is. In het seizoen 2002-2003 hoorde de Parijse club niet tot de toppers in het kampioenschap. Op de dertigste speeldag wachtte de Parijzenaars, die toen de negende plaats in de stand bezetten, een verplaatsing naar Marseille. De achterstand op de rivalen uit Marseille, die met hun tweede plaats nog volop in de running waren voor de landstitel, bedroeg tien punten.

L'OM was favoriet

Daniel Van Buyten, Vedran Runje en Franck Leboeuf zouden hun tanden stukbijten op een goudhaantje genaamd Ronaldinho. Die was in de zomer van 2001 neergestreken in de Franse hoofdstad. De 22-jarige Braziliaan zou die dag onstopbaar zijn.

De troepen van Luis Fernandez vatten de partij strijdvaardig aan en openden de score in de 27ste minuut dankzij een subtiel schot van Jérôme Leroy, die profiteerde van een positiefoutje van Runje. De bezoekers trokken richting kleedkamers met een voorsprong van één doelpunt, maar nadien ontspon zich de Grote Ronaldinho-show.

Voetballes

De jongeling van Porto Alegre onderschepte een pass van Leboeuf voor Van Buyten aan de middencirkel en stormde op het doel van Marseille af. Met een puntschot verschalkte hij Runje. De Parijzenaars roken bloed en voerden de forcing op. Op zes minuten van het einde omspeelde Ronaldinho Runje en ontdeed hij zich van Hemdani met een schijnbeweging. De Braziliaan kon vervolgens simpel binnentikken in een leeg doel, maar uiteindelijk kon Leroy de bal nog binnenduwen om de score op 0-3 te brengen.

Ronnie en co. maakten zo een einde aan de ongeslagen reeks van Olympique in eigen huis en staken tegelijk stokken in de wielen van Marseille met het oog op de titelrace. L'OM zou dat seizoen uiteindelijk als derde eindigen, op drie punten van kampioen Lyon. PSG eindigde op de elfde plaats. Ronaldinho zou voor een slordige 27 miljoen euro naar Barcelona trekken, waar hij tot een absolute legende uitgroeide.