Kajakster Lize Broekx heeft zich woensdag op de Spelen van Tokio in de kwartfinales van de K1 500m verzekerd van een plaats in de halve finales, die donderdag op het programma staan.
Broekx finishte in de tweede kwartfinale in 1:49.336 op de tweede plaats, op een zucht van de Russin Svetlana Chernigovskaya (1:49.323). Dat is ruim voldoende om door te stoten, want de top drie in elk van de kwartfinales mag naar de halve finales, de overige kajaksters zijn uitgeschakeld.
Onze landgenote moest in de herkansingen aan de slag, nadat ze zich eerder op de dag in de reeksen niet rechtstreeks had kunnen plaatsen. Broekx startte toen snel, maar zakte al even snel helemaal weg in het pak om uiteindelijk op de zevende en tevens laatste plek te eindigen in de vijfde reeks. In 1:52.476 was ze 3.686 trager dan de Hongaarse winnares Tamara Csipes.
Even voordien kon Hermien Peters zich wel rechtstreeks plaatsen voor de halve finales van de K1 500m. Peters startte uitstekend in de eerste reeks op de Sea Forest Waterway en hing na 250m al mooi aan de leiding. Die leidersplaats gaf ze vervolgens niet meer uit handen. Meer nog: in 1:47.959 strandde ze op een zucht van het olympisch record van 1:47.655, dat door de Hongaarse Rita Koban werd neergezet op de Spelen van Atlanta in 1996. Aan de streep had Peters een voorsprong van 0.768 op haar eerste achtervolgster, de Portugese Teresa Portela.
Peters en Broekx wonnen dinsdag de B-finale van de K2 500 meter. Broer Artuur Peters tweede in de B-finale van de K1 1.000m, waardoor beide Belgische boten met een toptienplaats mochten pronken. De Belgische zeilsters hadden van de K2 hun hoofddoel gemaakt, maar doen dus ook in de K1 nog steeds mee voor de prijzen.