De Belgische aflossingsploeg is vandaag in een Belgisch record op de vijfde plaats geëindigd in de finale van de gemengde 4x400m, op de Olympische Spelen in de Japanse hoofdstad Tokio.
Het Belgische kwartet, met startloper Dylan Borlée, Imke Vervaet, Camille Laus en Kevin Borlée, zette in het olympisch stadion 3:11.51 op de tabellen en daarmee deden ze beter dan gisteren in de reeksen. Seizoensrevelatie Alexander Doom, Vervaet, Laus en Jonathan Borlée lieten toen 3:12.75 noteren, een verbetering van het Belgisch record (3:14.22), dat door Kevin Borlée, Camille Laus, Hanne Claes en Dylan Borlée in september 2019 op het WK in Doha werd neergezet.

Het Belgische record leverde in Tokio een verdienstelijke vijfde plaats op, in een sterk bezette finale. Daarin ging het goud naar de aflossingsspecialisten uit Polen, in een olympisch record van 3:09.87. Daarmee haalden ze het van de Dominicaanse Republiek en de Verenigde Staten, twee landen die vrijdag nog gediskwalificeerd werden na de reeksen maar met succes in beroep gingen tegen die beslissing. Nederland, met verrassend Femke Bol in de rangen, greep met een vierde stek nipt naast de medailles.

Dylan Borlée ging als een speer van start en sloot de openingsronde af op een tweede plaats. Imke Vervaet, in laatste instantie opgetrommeld als vervangster van Cynthia Bolingo, viel vervolgens terug naar stek vijf en daar konden Laus en haar vriend Kevin Borlée geen verandering meer in brengen. 

Eerder eindigde de Belgische aflossingsploeg op de zesde plaats op het WK in de Qatarese hoofdstad Doha. Op de World Relays werden ze achtste in 2019 en eerder dit jaar in het Poolse Chorzow vierde. De Dominicaanse Republiek ging toen met het brons aan de haal. In Tokio was het de eerste keer dat de discipline op het olympisch programma stond.