De dading die Oosterweel-bouwheer Lantis in 2017 sloot met chemiereus 3M over de PFOS-vervuiling in Zwijndrecht, is onwettig. Dat zegt Vlaams parlementslid voor Groen Mieke Schauvliege. Advocate milieurecht Isabelle Larmuseau beaamt dat. Volgens haar is de Vlaamse overheid kwetsbaar voor strafrechtelijke procedures als men doorgaat met de constructie van een veiligheidsberm waarin de zwaarst vervuilde gronden zouden worden opgeborgen.
Even terugspoelen naar vorige week. Na dagenlange commotie over de PFOS-vervuiling op en rond de 3M-site in Zwijndrecht raakte toen bekend dat de chemiemultinational al in 2017 een dading sloot met beheersmaatschappij Lantis over die vervuilde grond. Daarin doet de uitvoerder van de Oosterweelwerken de facto afstand van toekomstige juridische procedures over de vervuiling op de werf. Er is bovendien afgesproken dat de Vlaamse regering 63 miljoen ophoest voor de aanpak van de grond, 3M moet voorlopig maar 75.000 euro betalen voor de aanleg van een veiligheidsberm van ruim een kilometer lang en 6,5 meter hoog op haar site, waarin de zwaarst vervuilde gronden worden opgeborgen.
Die dading is echter volledig in strijd met de milieuwetgeving, stelt Vlaams parlementslid voor Groen Mieke Schauvliege. Advocate milieurecht Isabelle Larmuseau onderschrijft die stelling. Het probleem zit vooral in de constructie van de veiligheidsberm, legt ze uit aan Belga: daarin komt 135.000 kubieke meter zwaar vervuilde grond met een PFOS-concentratie tot 1.000 microgram per kilogram, ingepakt in een soort van folie. Maar die concentratie ligt ruim boven de door de Vlaamse afvalstoffenmaatschappij OVAM toegelaten drempel voor bouwkundig gebruik, van 70 microgram per kilogram.
De sterk vervuilde grond mag dus volgens de milieuwetgeving niet zomaar gebruikt worden voor de constructie van een berm, zegt Larmuseau. "Die 135.000 kubieke meter vervuilde grond moest eigenlijk naar een stortpIaats, of gesaneerd worden, maar dat is niet gebeurd. In plaats daarvan is de grond voor 75.000 euro op Lantis afgeschoven."
Daardoor is niet alleen de dading tussen Lantis en 3M maar ook de omgevingsvergunning voor de berm zelf onwettig, benadrukt Larmuseau. "Die omgevingsvergunning is aangevraagd voor een berm, maar nergens wordt daarin verwezen naar de vervuiling. Men beschouwt die berm niet als een stortplaats, maar dat is het natuurlijk wel. En de strenge regels voor zo'n stortplaats zijn hier niet gevolgd."
De Oosterweelwerf zelf komt daardoor volgens de milieurechtadvocate nog niet meteen in het gedrang, zolang de sterk vervuilde grond wordt afgevoerd naar een gereglementeerde stortplaats. Maar Lantis en dus de Vlaamse overheid is volgens Larmuseau wel kwetsbaar voor strafrechtelijke procedures als de veiligheidsberm effectief wordt aangelegd. De constructie daarvan begint normaal gezien op 1 juli, zegt ze.
"Je kan geen veiligheidsberm realiseren met materiaal dat op een stortplaats thuishoort. De werken aan de veiligheidsberm moeten meteen stoppen en de grond moet afgevoerd worden naar een stortplaats of gesaneerd worden, op kosten van 3M", beaamt Schauvliege. "De Vlaamse regering heeft de PFOS-kwestie duidelijk onderschat, verschillende keren."
Vrijdag start in het Vlaams parlement een onderzoekscommissie die de historiek rond de PFOS-vervuiling in Zwijndrecht moet uitspitten. Die moet tegen ten laatste eind januari volgend jaar een eindverslag klaar hebben.