Duikers gaan waarschijnlijk deze zomer nieuw onderzoek instellen bij het wrak van de veerboot M/S Estonia, die in 1994 zonk met 852 doden tot gevolg. Er kwam hernieuwde aandacht voor de scheepsramp nadat documentairemakers vorig jaar beelden hadden getoond van twee grote gaten in de romp van het schip.
De Zweedse omroep SVT bericht dat in juli een vooronderzoek van start moet gaan. Zo willen de autoriteiten een beter beeld krijgen van de staat van de Estonia. Later volgt een fotografische analyse waarvoor 3D-technologie wordt ingezet, aldus de Zweedse onderzoeksraad die gaat over dergelijke ongevallen.

De Estonia zonk tijdens een zware storm op de Oostzee op weg van Tallinn naar Stockholm. Het overgrote deel van de 989 opvarenden overleefde dat niet. Onderzoekers concludeerden aanvankelijk dat de ramp vermoedelijk is veroorzaakt door problemen met de boegklep, al circuleren ook allerlei alternatieve theorieën over de grootste Europese scheepsramp na de Tweede Wereldoorlog.

Nabestaanden vragen al langer om nieuw onderzoek naar de ramp. Die discussie kreeg een nieuwe impuls door de vorig jaar uitgezonden documentaire met nieuwe beelden van de rampplek. De Zweedse autoriteiten maakten vervolgens bekend dat ze willen uitzoeken hoe de gaten in de romp van het schip zijn ontstaan.

Duikers konden niet direct op pad omdat de rampplek als massagraf een beschermde status heeft. Daardoor mag er niet zomaar worden gedoken. Dat vereiste een wetswijziging waaraan de afgelopen maanden is gewerkt. De documentairemakers moesten zich trouwens voor de rechter verantwoorden omdat ze daar hadden gefilmd. Het kwam uiteindelijk niet tot een veroordeling.