De Belgische liberale familie viert maandag/vandaag haar 175ste verjaardag. Dat ging in de voormiddag gepaard met festiviteiten in het Brusselse stadhuis en op de Grote Markt, in aanwezigheid van Europees Raadsvoorzitter Charles Michel en partijvoorzitters Georges-Louis Bouchez en Egbert Lachaert. Die laatste voorspelt nog vele mooie jaren voor het liberalisme, maar ziet ook uitdagingen. "Onze tegenstanders proberen de vrijheidsgedachte te capteren, maar hebben ze totaal niet begrepen."
In 1846, precies 175 jaar geleden, hield een vierhonderdtal liberaal gezinde Belgen van over het hele land de liberale partij boven de doopvont in Brussel. Dat gebeurde in de Gotische Zaal van het stadhuis, waar de liberale familie - vandaag opgedeeld in het Vlaamse Open Vld en het Franstalige MR - maandag samen de 175ste verjaardag kwamen vieren. 

Door de coronamaatregelen moesten de liberalen het aantal genodigden noodgedwongen relatief beperkt houden. Een vijftigtal MR- en Open Vld-leden die niet toevallig ook deze week hun verjaardag vieren, tekende present, net als partijvoorzitters Egbert Lachaert en Georges-Louis Bouchez, Europees Raadsvoorzitter Charles Michel, Open Vld-vicepremier Vincent Van Quickenborne en staatssecretaris Eva De Bleeker. In september volgt als alles goed gaat een groot feest voor alle leden en sympathisanten, "waarbij we onze reputatie van feestvierders volop gaan waarmaken", beloofde Open Vld-voorzitter Lachaert. 

"Het liberalisme is springlevend na 175 jaar en heeft nog veel mooie jaren voor zich", benadrukte die laatste in een korte toespraak. Maar Lachaert ziet ook uitdagingen. Hij denkt dan onder meer aan de kritiek die de partij vooral uit rechtse hoek over zich heen kreeg omdat ze dé liberale waarde bij uitstek, vrijheid, in de coronapandemie niet genoeg zou hebben verdedigd. "Dat was een heel moeilijke periode voor ons: we moesten vrijheden afnemen, maar we konden niet anders dan dat voor een stukje te doen om het leven en de gezondheid van iedereen te beschermen", zei de Open Vld-voorzitter na afloop in een kort gesprek met Belga. "Onze tegenstanders proberen ons dan daarop te pakken, en die vrijheidsgedachte te capteren, maar zij hebben die totaal niet begrepen: vrijheid is tweeledig en gaat ook over het zorgen voor de ander, dat zien zij niet." 

Bij die tegenstanders rekent Lachaert het Vlaams Belang, maar hij vernoemde ook N-VA, toch een Vlaamse coalitiepartner. "Ik zie dat bij Vlaams Belang en bij N-VA: bij hen is vrijheid het recht van de sterkste. Het gaat bij Vlaams Belang bijvoorbeeld over vrijheid voor de Vlaamse, blanke man, maar niet voor de rest. Dat is niet ons idee."

Ook in zijn toespraak benadrukte de Open Vld-voorzitter al het sociale karakter van het liberalisme. "Vrijheid is belangrijk, maar welke vrijheid is er voor wie ziek wordt en niets heeft, voor wie zijn job verliest en nergens op terug kan vallen? Dat is een valse vrijheid", klonk het. Lachaert wees er onder meer op dat het de liberalen waren die als eerste werkloosheidskassen of een vorm van ziekteverzekering op poten zetten, destijds in Gent. "Dat moeten we niet altijd van ons af laten snoepen."

Volgens MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez zit de uitdaging ook in de strijd tegen populisme en extremisme in alle vormen. "Dat is onze eerste prioriteit", sprak hij de aanwezigen toe. Bouchez verwees onder meer naar het scepticisme rond het supersnelle 5G-internet of de vaccins tegen het coronavirus, en naar het belang van het onderwijs op dat vlak. "Mensen zijn niet vrij zonder dat we ze de werktuigen aanreiken om vrijheid te creëren. Kennis is daar de eerste van", klonk het.