De Belgische profcompetities behoren al jaren tot de reeksen waarin buitenlanders vaak meer kansen krijgen dan eigen talenten. In 1A helt de weegschaal al enkele seizoenen de verkeerde kant op terwijl er in 1B nog wél steeds meer Belgen dan buitenlanders actief zijn. Toch staat ook deze reeks aan de top in Europa inzake het aantal buitenlanders binnen de kern én binnen de basisploeg.
In het afgelopen seizoen waren 42,8% van de contractspelers in 1B geen Belgen tegenover 57,1% in 1A. Het speelaandeel van de buitenlanders lag nog hoger. Zo kregen de buitenlanders 46,6% van de speelminuten in 1B terwijl er in 1A een percentage van 63,4% gehaald werd. Beide competities staan daarmee aan de top in Europa.

Op het tweede niveau werden er enkel in Luxemburg (Ehrenpromotion) en Engeland (Championship) meer buitenlanders opgesteld dan in onze Belgische 1B. Het verschil met landen als Spanje (24,9%), Nederland (25,6%), Italië (28,4%) en Duitsland (29,4%) is gigantisch.

1. Ehrenpromotion (Luxemburg): 57,6%
2. Championship (Engeland): 49,1%
3. 1B Pro League (België): 46,6%
4. Challenge League (Zwitserland): 43,8%
5. Liga 2 (Portugal): 43,0%

Opvallend genoeg promoveerden de twee 1B-teams met het grootste aantal buitenlandse speelminuten naar 1A terwijl de twee teams met het minste aantal buitenlandse speelminuten afgetekend voorlaatste en laatste eindigden. Drie teams stelden dit seizoen meer buitenlanders dan Belgen op.

1. RFC Seraing: 73,4%
2. Union SG: 69,7%
3. KVC Westerlo: 66,3%

4. RWDM: 48,2%
5. Lommel SK: 44,2%
6. SK Deinze: 25,9%
7. Lierse K.: 24,7%
8. Club NXT: 20,6%