Sinds de staat van beleg op 6 mei werd ingesteld in het oosten van de Democratische Republiek Congo, heeft het Congolese leger al 22 leden van de Allied Democratic Forces (ADF) gedood. Dat heeft het leger aan het Franse persagentschap AFP verklaard.
De Allied Democratic Forces zijn oorspronkelijk Oegandese jihadistische rebellen, die zich sinds 1995 in het oosten van de Democratische Republiek Congo bevinden. Ze vallen het buurland Oeganda al jaren niet meer aan en leven van mensenhandel in de regio van Beni, in de provincie Noord-Kivu. Sinds 2014 richten de gewapende manschappen regelmatig bloedbaden op weerloze burgers aan in Beni en omstreken. Sinds 2019 heeft de Islamitische Staat (IS) de verantwoordelijkheid opgeëist voor bepaalde ADF-aanslagen. Ze vormen veruit de dodelijkste groepering van de 122 gewapende groepen die Oost-Congo kent. De laatste achttien maanden worden ze ervan beschuldigd meer dan duizend burgers in de regio Beni te hebben afgeslacht.

Op 6 mei kondigde de Congolese president Félix Tshisekedi de staat van beleg aan in de provincies Noord-Kivu en Ituri, in een poging de slachtpartijen onder de burgerbevolking een halt toe te roepen. De maatregel geldt aanvankelijk dertig dagen, maar kan verlengd worden. In de periode van 6 tot 15 mei, "hebben wij in ons operatiegebied 22 leden van de ADF geneutraliseerd en acht AK-47-wapens teruggevonden", verklaarde luitenant Antony Mualushayi, woordvoerder van het leger in de regio Beni, aan het Franse persagentschap AFP. In diezelfde periode zou het leger 60 medewerkers van de ADF, waaronder Congolezen, Oegandezen en andere buitenlanders, gearresteerd hebben. Op het terrein "hebben we de steun van de bevolking, die genoeg heeft van onveiligheid en opnieuw vrede wil", benadrukte luitenant Mualushayi.

Ter ere van de nationale dag van de revolutie en de krijgsmacht, betuigde de Congolese premier Jean-Michel Sama Lukonde gisteren de "steun van de hele natie" aan het leger en de troepen op het terrein. "Jullie offer is niet vergeefs, de natie blijft jullie voor altijd erkentelijk", klonk het. Met behulp van een grote televisieshow, die urenlang op de publieke omroep RTNC werd uitgezonden, lanceerde de overheid een ondersteuningsoperatie - vertaald uit het Lingala "Opdat de vlag niet halfstok hangt" - voor de betrokken militairen en politieagenten in het oosten van het land.