Israëlische luchtaanvallen hebben zondag in de Gazastrook het leven gekost aan 42 Palestijnen, onder wie ook heel wat kinderen. Het was meteen ook de bloedigste dag van de week in het Palestijns-Israëlische conflict. Een spoedzitting van de Verenigde Naties leverde dan weer geen enkele vooruitgang op.
"Aan het bloedbad kwam ook vandaag geen einde. Deze zinloze cyclus van bloedvergieten en destructie moet onmiddellijk stoppen", verklaarde secretaris-generaal António Guterres aan het begin van de vergadering. Hij zei te vrezen dat deze golf van geweld anders "een oncontroleerbare humanitaire en veiligheidscrisis zal veroorzaken". Maar ook deze bijeenkomst leverde geen enkel voorstel op. Bij verschillende diplomaten is te horen dat de Verenigde Staten zondag nog altijd weigerden om een gezamenlijke verklaring af te leggen die moet helpen om snel een einde te maken aan de vijandelijkheden.
In totaal kwamen zondag bij de Israëlische bombardementen op Gaza 42 Palestijnen om, onder wie minstens acht kinderen en twee artsen, zo meldde het plaatselijke ministerie van Volksgezondheid. Dat is de hoogste dagelijkse dodentol sinds het begin van de nieuwe geweldgolf op 10 mei. Alles samen lieten sinds die datum al zeker 197 Palestijnen het leven, onder wie 58 kinderen, en raakten meer dan 1.200 mensen gewond. Aan Israëlische zijde vielen binnen diezelfde tijdspanne bij Palestijnse raketaanvallen vanuit Gaza tien doden, onder wie ook een kind, en 282 gewonden. 
De Palestijnse beweging Hamas, die de Gazastrook controleert, heeft sinds de start van de vijandelijkheden al meer dan 3.100 raketten afgevuurd op Israël. Dat waren er volgens het Israëlische leger nooit eerder zo veel. De meeste projectielen konden worden onderschept door het Israëlische antiraketsysteem.