Algemeen secretaris Miranda Ulens van het ABVV reageert teleurgesteld op het loonakkoord dat de regering afgelopen nacht heeft bereikt. "Het feit dat de regering de loononderhandelingen naar zich toetrok, gaf de kans het verschil te maken. Uit de eerste informatie waarover ik beschik, blijkt eigenlijk dat die kans is gemist", verklaarde Ulens vandaag in De Ochtend op Radio 1.
"De opgeluchte en hoera-reacties vanuit rechtse hoek" zijn voor de topvrouw van de socialistische vakbond al een teken aan de wand. Ze blijft zich verzetten tegen de loonnormwet op basis waarvan de maximale stijging van 0,4 procent is vastgelegd. "Die blijft er voor zorgen dat de welvaart die gecreëerd is, niet op dezelfde manier kan worden verdeeld."

De coronapremie van maximaal 500 moet op het niveau van de bedrijven worden bepaald. Voor het ABVV moet dat op sectoraal niveau kunnen, om op die manier "diegenen die hun stem niet kunnen laten horen of niet over de nodige krachtsverhoudingen beschikken" mee te laten genieten van die premie.

Ulens maakt zich zorgen over de vraag van de regering om het met de andere sociale partners over de minimumlonen te hebben. "Ik heb Unizo al horen zeggen dat het niet kan. Dat wordt sowieso al een probleem", luidt het. Ze herinnert eraan dat er twee jaar geleden maar "kruimels op tafel lagen. De vraag is wat de werkgevers nu bereid zijn", aldus Ulens.