Persagent voor jazzbeloften Inge De Pauw voor de Internationale Dag van de Jazz: "Proberen niet meer in hokjes te denken"

30 april is sinds 2012 uitgeroepen tot de Internationale Dag van de Jazz door de Verenigde Naties. Voor een blik achter de schermen van het heroplevende muziekgenre en wat tips voor opkomende muzikanten spraken wij met Inge De Pauw, die als persagent wereldwijd jazzartiesten helpt groeien. “Ik zet de deuren open en zij moeten het waarmaken”, zegt ze.

Jazzmuzikanten uit België – maar ook uit de rest van Europa, Israël of New York – die carrière willen maken, die willen touren in het buitenland of die hun albumrelease in de pers willen krijgen, kloppen aan bij Inge De Pauw. Met haar bedrijf Stilletto Productions helpt zij muzikanten de weg te vinden naar de pers. Met haar talloze contacten in de jazzwereld is zij een ideale persoon om er een stand van zaken over op te maken. “Er is zo veel groot talent in ons land dat het soms niet makkelijk is om hen allemaal een podium te geven”, zegt ze.
 
Het jazzlandschap in ons land heeft de laatste jaren een grote groei gekend. Hoe komt dat?
 
Inge De Pauw: “Ja, er is inderdaad een grote jonge garde opgestaan. Groepen als STUFF. of TaxiWars bijvoorbeeld dragen best wel wat invloeden mee uit de rockmuziek, wat dan weer eigen is aan de Belgische scene. Dat werkt heel goed en daardoor is de muziek ook toegankelijker voor een groot publiek. Die groepen staan nu op de grootste pop- en rockfestivals. Een optreden van Nordmann bijvoorbeeld voelt een beetje als een goed rockconcert. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor Dans Dans, die ver in het buitenland een sterke live-reputatie hebben. Er is meer appreciatie voor de muziek omdat er minder in hokjes gedacht wordt.”
 
“In het buitenland maakt jong talent bijvoorbeeld vaak crossovers met hiphop, maar dat is niet alleen aan de jonge garde besteed. Onlangs heb ik een release gedaan van het Brussels Jazz Orchestra, toch een gevestigde waarde. Zij hebben met rappers samengewerkt en mengen dus ook de genres. Het is leuk dat de muziek daardoor meer op de voorgrond treedt, want het is niet meer alleen te beluisteren in jazzclubs. Het is leuk om hen ook eens op Studio Brussel of Willy te horen.”
 
Soms lijkt het moeilijk om te zeggen wat jazz is en wat niet.
 
Inge: “Je moet de groepen ergens een label opplakken voor de streamingdiensten of de CD-bakjes, maar dat is eigenlijk passé. We proberen niet meer in die hokjes te denken, maar dat is niet altijd makkelijk. Soms vindt de pers muziek te poppy en niet jazzy genoeg. Het is altijd wel iets, maar ik vind het mooi dat muzikanten gewoon hun eigen ding doen. Dan zullen wij wel de media vinden waar ze een plekje krijgen.”
 
Is er dan nog een plaats voor de traditionele jazztrio’s ook?
 
Inge: “Zeker wel. Ik denk nu bijvoorbeeld aan de groep GoGo Penguin. Die stonden op Pukkelpop en eigenlijk is dat een klassiek jazztrio – drums, piano en contrabas – maar die brengen wel een heel eigen sound. Er zijn er ook die het traditioneler houden, kijk maar naar Philip Catherine, een grote meneer in onze scene. Op het Brussels Jazz Festival in Flagey, dat online doorging dit jaar, speelde hij met Angelo Mustapha en Lionel Loueke. De muziek was traditioneler, maar het werd toch weer iets helemaal anders met een nieuw geluid. Dat zijn dingen die echt werken. En er zijn ook nog altijd de kleinere, intiemere clubs. Voor sommigen is dat net de ideale omgeving.”
 
Stel dat een jonge muzikant het nu wil maken in de jazzwereld. Hoe kan die dat aanpakken?
 
Inge: “Ik probeer muzikanten altijd een beetje te begeleiden. Ze moeten een goede visie hebben over waar ze naartoe willen en wat ze willen bereiken. Dan maken we een planning op om hen stap voor stap te begeleiden. Vorig jaar hebben we zo bijvoorbeeld de Q-some Big Band helpen introduceren. Zo’n formatie komt niet veel meer voor, maar als je een goede visie hebt, kan het werken. Het is natuurlijk belangrijk dat je je band samenstelt met mensen waarbij je je muzikaal goed voelt, maar soms moet je ook een beetje commercieel proberen te denken. Een bekendere naam betrekken helpt altijd en het is bijvoorbeeld ook goed om met een muzikant van de andere kant van de taalgrens te spelen. Die grens vormt jammer genoeg nog vaak een barrière.”
 
“Dan kan je ook proberen om showcases te spelen. Rond de Internationale Dag van de Jazz is er jaarlijks de grote beurs Jazzahead! in Bremen. Die werd twee jaar uitgesteld, en gaat nu digitaal door. Daar komt heel de wereld samen om showcases te spelen, dus als je daar kan optreden, voor al die boekers van festivals en grote zalen, voor de managers en vertegenwoordigers van platenlabels die er rondlopen, dan kan je snel opgepikt worden.”

Muziek als wijn

Zijn de Belgen goed vertegenwoordigd op die beurs?
 
Inge: “We hebben er normaal elk jaar een Belgische stand. We organiseren dan een klassieke happy hour met Belgisch bier en dat werkt altijd! Dan komt iedereen onze richting uit en kunnen we onze artiesten extra promoten. Maar we organiseren samen met vi.be en Wallonie-Bruxelles Musiques bijvoorbeeld ook de Belgian Jazz Day, waarop journalisten en programmatoren vanuit het buitenland uitgenodigd zijn om onze scene te ontdekken. Er is ook altijd een Belgische dag in Parijs waarop we Belgische artiesten naar voren schuiven. Zo krijgen muzikanten een duwtje in de rug.”
 
Zo te horen kan het wel hard gaan?

 
Inge: “Ja, dat kan. Vaak is het hard werken en het is wel een klein wereldje, dus je moet je soms met de juiste mensen omringen. Maar als ik bijvoorbeeld iemand te horen krijg die beloftevol is, dan laat ik die ook aan anderen in de sector horen, zelfs als ik niet probeer om hen geboekt te krijgen. We praten veel met elkaar en wisselen veel uit, dus zo kan het wel als een lopend vuurtje gaan.”
 
Sommigen vinden jazz te moeilijk om naar te luisteren.
 
Inge: “Je moet er natuurlijk wel voor open staan. In het begin luisterde ik ook niet naar de meest zware of complexe jazzmuziek. Ik vergelijk het altijd met wijn. In het begin kies je voor lichte wijnen en als die goed smaken, evolueer je naar zwaardere en complexere wijnen. Die kan je leren appreciëren of je kan vinden dat die erg goed bij een bepaald gerecht past, ook als je die niet elke dag wil drinken. Met muziek is het hetzelfde. Soms ben ik ook niet in de stemming voor experimentele jazz.”
 
“Je kan ook niet iedereen bekoren en net dat vind ik zo leuk. Artiesten behouden hun eigenheid en blijven bij hun eigen sound. Die artiesten weten wat ze willen. Met zulke muzikanten werk ik het liefste samen op lange termijn. Je kan alleen maar de muziek laten horen en dan klikt het of niet. Ik zet de deurtjes open en zij moeten het waarmaken.”


Ontdek ook onze andere artikels over jazz:

Van jazz tot hiphop, ontdek de recente muziekgeschiedenis aan de hand van deze films

Band van de week: Glass Museum etaleert invloeden van jazz tot dance

Een beknopte geschiedenis van jazzmuziek, van Louis Armstrong tot Dans Dans

Je vindt ook jazz in onze Proximus VOD-catalogus, met onder andere het optreden 'VICE - Gent Jazz : EMY'. Naar de Proximus VOD-catalogus? Druk op de ‘On Demand’- of ‘Shop’-knop van je afstandsbediening, of ga rechtstreeks naar de VOD-catalogus online! 

Muziek

Bekijk alles
Top