De 93ste uitreiking van de Oscars wordt er eentje voor de geschiedenisboeken. Niet alleen vond de ceremonie in Los Angeles plaats in plaats van in Hollywood, in april in plaats van in februari en met een zeer beperkt publiek, maar er werden ook enkele historische awards uitgereikt. Tijdens de bescheiden ceremonie was er ook heel wat aandacht voor het huidige politieke klimaat in de VS en in de wereld.
Zo opende actrice Regina King de ceremonie met een commentaar over de recente rechtszaak tegen Derek Chauvin, die veroordeeld werd voor de doodslag op George Floyd. "We rouwen om het verlies van zovelen, en om eerlijk te zijn, als de zaken vorige week anders waren verlopen in Minneapolis, dan had ik mijn hoge hakken ingeruild voor laarzen om te marcheren." Ook de coronacrisis, die ervoor zorgde dat er slechts 170 aanwezigen waren tijdens de Oscar-ceremonie, werd niet vergeten. Angela Bassett herinnerde er voor de "In Memoriam" aan dat we "in 2020 verenigd waren door verdriet", met al meer dan 3 miljoen COVID-doden wereldwijd. "We willen ook aandacht hebben voor de kostbare levens die verloren zijn gegaan door het geweld van ongelijkheid, onrechtvaardigheid, haat, racisme en armoede", zei ze ook.

De Oscars waren zondag diverser dan ooit, nadat er jarenlang geklaagd werd over ondervertegenwoordiging van vrouwen en minderheidsgroepen. Zo waren er voor het eerst twee vrouwen genomineerd voor de Oscar voor de beste regisseur en won Chloe Zhao uiteindelijk als de eerste niet-blanke vrouw die award. Yuh-jung Youn werd dan weer de eerste Zuid-Koreaanse actrice die een Oscar won. Ook in kleinere categorieën werden er barrières doorbroken: Mia Neal en Jamika Wilson werden bijvoorbeeld de eerste zwarte vrouwen die de Oscar wonnen voor de beste haar en make-up, voor de film 'Ma Rainy's Black Bottom'. Uiteindelijk namen 25 witte mannen, acht witte vrouwen, vier zwarte mannen, vier zwarte vrouwen, twee Latino mannen, één Latino vrouw en drie Aziatische vrouwen minstens één Oscar mee naar huis.

Sociaal geëngageerde films

Verschillende films die dit jaar genomineerd werden, zoals 'Ma Rainy's Black Bottom' of 'Judas and the Black Messiah' vertellen ook verhalen over de sociale strijd van de zwarte Amerikanen, thema's die zich vertaalden in verschillende speeches. De regisseur van de winnende kortfilm 'Two Distant Strangers' over politiegeweld tegen zwarten, koos bijvoorbeeld voor een kostuumvest met de namen van zeventien zwarte Amerikanen die gedood werden door de politie en riep tijdens zijn bedankingsspeech op om niet onverschillig te zijn. Tyler Perry droeg zijn Jean Hersholt Humanitarian Award dan weer op aan "iedereen die in het midden wil staan", en vertelde hoe zijn moeder heel haar leven met racistiche aanvallen te maken had en toch nooit haatdragend was geweest.

En ook de presentatoren toonden zich inclusief: Bong Joon Ho presenteerde de Oscar voor de beste regisseur in het Koreaans en Marlee Matlin kondigde de winnaars voor de twee documentairecategorieën aan in Amerikaanse gebarentaal.