Wat je misschien nog niet wist over de broers Dardenne

Met twee keer de Palme d'or op het filmfestival van Cannes en de Grand Prix du Jury hebben de gebroeders Dardenne hun stempel gedrukt op de hedendaagse Franstalige cinema. Ze wonnen zelfs de Robert-Bresson prijs op het filmfestival van Venetië in 2011 voor hun oeuvre. Hun 'menselijke' cinema wist overal in de wereld mensen te raken. Vandaag viert de oudste (Jean-Pierre) van de broers Dardenne zijn 70ste verjaardag. Proximus Pickx neemt ter gelegenheid daarvan vijf dingen onder de loep die je misschien nog niet wist over het Belgische duo.

Eerste baan in de kerncentrale van Tihange

Toen hij drama studeerde aan het Institut des arts de diffusion (IAD), ontmoette Jean-Pierre Dardenne voor het eerst de regisseur Armand Gatti. De twee Dardenne broers bundelden dan voor de eerste keer hun krachten met de dichter. Ze werkten rond de theatrale ervaringen van de artiest. Zij begonnen met regisseren in projecten als 'La Colonne Durutti', 'L'Arche d'Adelin' en later de film 'Nous étions tous des noms d'arbres'.
 
Maar hun wegen scheidden zich toen Armand Gatti een toneelstuk moest produceren in Duitsland. Nu hun mentor weg was, bleven de broers Dardenne achter zonder ook maar een cent in hun zak. Ze gingen dus aan de slag in de kerncentrale van Tihange. Zonder diploma op zak konden zij alleen maar arbeider zijn, beton maken en beton storten enz. Gelukkig stelde het spaargeld van verschillende salarissen hen in staat hun eerste camera en videorecorder te kopen.
 
Ze maakten militante video's over interventies en gevechten in woonwijken van de arbeidersklasse. Filmische kunst en sociale aspecten begonnen hun weg te vinden naar hun films. Dit zullen de basiselementen zijn van hun hele carrière.  Door fondsen te werven van het Ministerie van Cultuur, begonnen ze documentaires te maken. Ze werden gesubsidieerd omdat ze de eersten in België waren die in video werkten en een werk van permanente educatie aanboden. Van daaruit openden de broers in 1975 hun eerste productieatelier 'Dérives'.
 

712 bezoekers

Na vele documentaires te hebben gemaakt over de geschiedenis, het nazisme, het verzet, stakingen, de economische crisis, en over de schrijver Jean Louvet, wilden de gebroeders Dardenne werken aan fictie met echte acteurs. Toen ze de documentaires maakten, deden ze veel reconstructies over de thema's en ze wilden eens iets anders proberen.
 
‘Falsch' was hun eerste fictiefilm in 1987. De film, een bewerking van het gelijknamige toneelstuk van René Kalisky, houdt het midden tussen fictie en verfilmd theater. De bewerking van het toneelstuk concentreert zich op de laatste overlevende van een Joodse familie die door de nazi's is uitgeroeid. Hoewel de speelfilm een beslissende ommekeer in hun carrière betekent, blijft hun cinema nog zeer dicht bij de documentaire. Deze eerste film die in de bioscoop Vendôme werd uitgebracht, telde 712 bezoekers voor het begin van hun carrière. Dat is niet veel in vergelijking met het aantal toeschouwers dat ze vandaag verzamelen.

Werelderkenning vóór Belgische erkenning

‘La Promesse', hun derde fictiefilm, wordt gepresenteerd op de 'Directors' Fortnight' op het filmfestival van Cannes. De thema's die in de film aan de orde komen, staan centraal in hun werk: het conflict tussen kinderen en ouders, tussen een maatschappij in verval en een verloren jeugd, en tenslotte tussen een liberale en een uitbuitende wereld. Ze openen hun productiemaatschappij 'Les Films du Fleuve' met de release van de film in 1996.
 
De film was hun eerste kennismaking met Cannes en zou van groot belang zijn voor hun carrière. Het festival was de sleutel tot hun wereldwijde populariteit, want zodra de film werd gepresenteerd, raakte een Japanse koper geïnteresseerd in hun werk en bood hen een contract aan. Daarna verkochten ze hun film op één dag in 23 landen. De broers Dardenne zeggen vaak dat ze uit België komen, maar ook uit Cannes. "Dat is wat ik altijd zeg. Wij behoren tot twee landen", verdedigt Luc Dardenne zich tegenover Jérôme Colin voor 'Hep Taxi'.  De Franse kuststad lanceerde hun carrières in de wereld. En dat terwijl 'La Promesse' nog geen erkende film was in België.

Een misselijkmakende stijl

‘Rosetta' is de eerste film van de broers Dardenne die door een vrouw wordt gedragen. En niet zomaar een vrouw, Émilie Dequenne werd in 1999 bekend door haar vertolking van Rosetta, een 18-jarig Belgisch meisje dat haar baan is kwijtgeraakt en wanhopig op zoek moet gaat naar een nieuwe. De Belgische actrice kreeg de 'Prix d'Interprétation féminine' en de film werd bekroond met de Palme d'Or. De gebroeders Dardenne zijn een van de weinige regisseurs die twee keer de Palme d'Or hebben gewonnen. Die acht andere regisseurs zijn Francis Ford Coppola, Shohei Imamura, Emir Kusturica, Bille August, Michael Haneke en Ken Loach. De tweede prijs zal hen in 2005 worden toegekend dankzij ‘L'Enfant’.
 
‘Rosetta' is, zoals veel van hun films, een zeer nerveus stukje filmmaken. Af en toe rustig, terwijl we de hoofdpersoon volgen in haar mondaine dagelijkse leven, dan weer zeer actief, wanneer de camera alle bewegingen volgt in de fabriek waar ze werkt. De Franse regisseur Claude Chabrol laat geen gelegenheid voorbij gaan om het Belgische duo te bespotten met een grap die hun stijl beschrijft: "Waarom moeten de broers Dardenne met z'n tweeën zijn? De ene houdt de camera vast en de andere kietelt hem.”
 
Het gebruik van de bewegende, hand-held camera kan misselijkmakend zijn. Je houdt ervan of je hebt er genoeg van. De broers Dardenne illustreren hun stijl in 'Rosetta' met een anekdote die ze meemaakten tijdens de première van de film in Taiwan. Aan het einde van de filmvertoning kwamen de regisseurs naar voren om de discussie aan te gaan en tot hun verbazing zaten er geen toeschouwers op de eerste rijen. Toen ze naar beneden keken, beseften ze al snel dat zo dicht op het grote scherm zitten met die ronddraaiende camera het publiek misselijk maakte.
 

Ereburgers van Seraing

In 1999 werden zij op het Filmfestival van Cannes geprezen voor hun film ‘Rosetta’ en ontvingen zij de titel van Ereburgers van Seraing. De stad Luik wilde "officieel blijk geven van haar erkenning voor twee burgers wier extreme bekwaamheid onlangs op internationaal niveau is erkend". De film is hoofdzakelijk opgenomen in de stad Seraing, waardoor die een zekere internationale zichtbaarheid heeft gekregen.
 
Beide mannen groeiden op in de industriële buitenwijk van Luik, in Seraing. Hun films zijn geworteld in deze stad, in deze streek en zijn omgeving. Ze willen praten over deze plek die ze als hun broekzak kennen, ze willen "praten over onze kindertijd, de landschappen van onze kindertijd en onze adolescentie". Na hun films over de hele wereld te hebben verspreid, blijven de broers Dardenne zeer lokaal en gehecht aan hun wortels. Home sweet home.
 
 

Films

Bekijk alles
Top