Stijn haalt herinneringen boven over zijn held Prince

Exact vijf jaar geleden werd de toen 57-jarige Prince, een van de belangrijkste muzikale stemmen van de afgelopen eeuw, dood aangetroffen in zijn woning. Die dag zit nog vers in het geheugen van Stijn Vandeputte – beter bekend als de muzikant Stijn – die Prince tussen 1990 en 2016 zo’n 60 keer live aan het werk zag. “Er zijn in België nóg grotere Prince-fans dan ik, maar als ik iets kan doen om zijn nalatenschap in leven te houden, neem ik die taak graag op mij”, zegt hij.

“Ik heb de afgelopen jaren vaak teruggedacht aan de dag van zijn overlijden. Het feit dat hij er niet meer is, is echt wel aanwezig in mijn leven.” Stijn Vandeputte, op het podium gewoon Stijn, is een van de vele superfans van Prince in België. Omwille van zijn eigen muzikale carrière is hij in ons land de bekendste ambassadeur voor het levenswerk van His Royal Badness. “Het is natuurlijk geen wedstrijd, want er zijn mensen die Prince maar één keer live hebben gezien en daar enorm van hebben genoten, maar ik vind het wel leuk dat ik hem ongeveer 60 keer heb zien optreden.”
 
Wanneer was de laatste keer dat je Prince live zag?
 
Stijn: “Dat was op 30 mei 2014, de laatste keer dat hij in België heeft opgetreden. Na zijn optreden in het Sportpaleis heeft nog enkele verrassingsshows na elkaar gespeeld in de Botanique. Ik was me er toen helemaal niet van bewust dat het de laatste keer kon zijn. Die show was toen ook niet superbijzonder voor mij, het was er een van de vele – met alle respect voor iedereen die het wel een hoogtepunt vond. Ik woonde toen nog in Jette, dus het was wel echt geweldig om met de fiets naar een Prince-show te kunnen gaan. De dag voordien had ik het al horen rommelen en was ik, samen met andere fans, eens gaan kijken. Je voelde gewoon dat er iets stond te gebeuren. Alleen was het een dag later, en dus niet toen wij er stonden.”
 
Welke herinnering aan Prince is voor jou de bijzonderste?
 
Stijn: “Ik heb er verschillende. Maar op een gegeven moment mocht ik enkele dagen als gast mee met Larry Graham, de bassist van Sly and the Family Stone en een goede vriend van Prince. Hij speelde in het voorprogramma van Prince in Arras en in Werchter en hij had me gevraagd om mee te komen. Die dagen was ik vaak lang in de buurt van Prince en zijn band. Een backstage is niet de meest bijzondere plek, dat weet elke artiest, maar als het de backstage van een van je helden is, dan doet het toch wat om daar te zijn. Die twee shows kon ik van heel dichtbij zien in de coulissen, maar uiteindelijk ben ik toch in het publiek gaan staan.”
 
“Na zijn optreden in Werchter heeft Prince dan nog een aftershow gegeven in het casino Viage in Brussel. Dat was voor mij erg bijzonder, want ik werd benaderd door Nathan Ambach (N8N) om mee dingen te regelen. Prince had erg laat beslist om die show te geven, dus we moesten nog publiek vinden en het nieuws over de show snel naar buiten krijgen. Dat was niet zo makkelijk. Het ging allemaal heel snel. Wij kwamen voor iedereen aan in het piepkleine zaaltje in Brussel, met uitzondering van Prince, die er al zat te drummen. Dat was echt speciaal: om de hoek van waar ik woonde, zat Prince te soundchecken. Ze hadden nog kabels en pedalen tekort, dus ik ben snel naar mijn eigen studio gegaan. Ik wist welke pedalen hij gebruikte, wat ze nodig hadden en wat ik zelf had, dus ik ben ze met een curverbakje gaan halen. Het was echt leuk om tijdens het optreden te bedenken: ‘Die zitten op mijn spullen te spelen!’”

Niet de Vlaamse Prince

Je bent erg dicht bij je held geraakt, maar heb je hem ontmoet?
 
Stijn: “We hebben nooit gepraat, neen. Tijdens de show van Larry Graham in Arras hebben we wel lang bij elkaar gestaan, met Tina, de vrouw van Larry, tussen ons in. We waren om beurten met Tina aan het praten, maar ik had niet de neiging om me tot Prince te richten. Dat was bij wijze van spreken het protocol: ‘don’t speak when not spoken to’. Ik had geen zin om iets te forceren.”
 
“Daaraan zag je wel dat hij vrij aftastend kon zijn. Hij moet gezien hebben dat Tina een gemeenschappelijke kennis was, hij heeft voor haar en Larry ooit een huis gekocht, maar wij praatten niet. Tja, op dat vlak was hij wat gereserveerd. Dat was ook zijn reputatie. Wat misschien minder mensen weten, is dat hij ook erg grappig was. Op repetities kon hij naast gesloten en professioneel ook heel open en grappig zijn.”
 
Als muzikant word je wel eens de Vlaamse Prince genoemd, maar dat label omarm je niet echt?
 
Stijn: “Neen, dat klopt. Ik heb mezelf dat label ook nooit gegeven. Luc Janssen heeft dat ooit gezegd om me aan te kondigen en het is blijven hangen, maar ik heb nooit het gevoel gehad dat ik de Vlaamse Prince ben. Ik ben gewoon Stijn. Ik houd van de muziek van Prince en ik cover zijn liedjes met plezier, maar dat is zeker niet het enige dat ik doe. Ik gebruik af en toe dezelfde drumcomputer als hij en af en toe lijkt mijn geluid misschien een beetje op het zijne, maar ik speel bijvoorbeeld geen gitaar en ik bezit nog geen honderdste van zijn talent. Maar ik word natuurlijk liever vergeleken met iemand waar ik naar opkijk dan met iemand die ik niet goed vind.”
 
Plan je iets bijzonders voor het vijfjarige overlijden?
 
Stijn: “Gelukkig is mijn knuffelcontact ook een grote Prince-fan. Die komt langs en ik zal misschien wel wat extra liedjes spelen voor hem. Misschien wordt dat op een of andere manier gestreamd. Daar moet ik nog eens over nadenken. Als er vraag naar is, duik ik misschien wel eens op met een paar ‘tributes’, maar het is niet zo dat ik iets organiseer.”

Zin in meer Prince? Bekijk dan de film 'Purple Rain' in de VOD-catalogus van Proximus Pickx.

Muziek

Bekijk alles
Top