De Verenigde Staten zijn met hun NHL een van de grootste ijshockeylanden, maar op het wereldtoneel stonden ze zelden op het hoogste schavot. Maar in 1980 kon een ploeg jonge universitairen het halen van de onoverwinnelijke USSR, viervoudig titelwinnaar, op de Olympische Winterspelen in Lake Placid. Proximus Pickx blikt terug op het bijzondere verhaal dat nog steeds het “wonder op het ijs” genoemd wordt.
Het ijshockeyteam van de Sovjet-Unie is een van de meest succesvolle teams in de geschiedenis van de sport. Gedurende de tweede helft van de 20ste eeuw waren ze zo goed als onverslaanbaar op het internationale strijdtoneel. Van hun oprichting tot aan de ontmanteling van de USSR haalde de ploeg niet minder dan 27 gouden medailles binnen op de Olympische Spelen en de wereldkampioenschappen.
 
Het hoeft dus weinig betoog dat de USSR op de Olympische Winterspelen van 1980 in Lake Placid de topfavoriet was. In hun rangen hadden ze vedettes als Vladislav Tretiak, Sergueï Makarov en Valeri Kharlamov. Tegen de verwachtingen in was het de ploeg van Amerikaanse universiteitsstudenten die de titel dat jaar afsnoepte van de viervoudige gouden medaillewinnaars.
 
Gesterkt door een topcoach
 
Onder de vleugels van de toptrainer Herbert Brooks maakte het Amerikaanse team van amateurs een uitstekende start in het tornooi. In de groepsfase sleepten de VS een gelijkspel (2-2) in de wacht in de laatste minuut tegen Zweden en overwinningen tegen Noorwegen, Roemenië, West-Duitsland en in het bijzonder Tsjecho-slowakije, na de USSR een gedoodverfde kandidaat voor het goud. De onverwachte, maar bijzonder sterke prestaties leverden hen een ticket voor de final four op.
 
Hoe valt het te verklaren dat de Amerikanen ploegen konden overklassen die op papier met kop en schouders boven hen uit zouden moeten steken? De voorbereidingen van Brooks zitten er ongetwijfeld voor iets tussen. Hij leerde de spelers sneller en agressiever op het ijs te bewegen en om op elke mogelijke positie te kunnen spelen. Zo was hun speelstijl beter aangepast om het op te nemen tegen de Europese tegenstanders. En wetende dat talent alleen niet voldoende zou zijn, bracht de coach hen stalen zenuwen bij, waarmee ze steeds mentaal de bovenhand konden nemen.
 
Spanning tot aan het fluitsignaal
 
In de voorlaatste wedstrijd stonden de Amerikanen tegenover de reusachtige USSR. Midden in de Koude Oorlog had die confrontatie een extra symbolische ondertoon. In het eerste deel waren de Sovjets sterker, maar de Verenigde Staten hielden stand, mede dankzij keeper Jim Craig. Na het tweede stond het scorebord op 2-2.
 
In de kleedkamers kregen de Amerikanen nog een oppeppende speech van Brooks, maar toch moesten ze het eerste doelpunt incasseren in het derde en laatste wedstrijddeel. De Amerikanen gaven de match nog niet uit handen, want al gauw scoorden ze de gelijkmaker. Met nog tien minuten te gaan knalde de Amerikaanse aanvoerder Mike Eruzione de 4-3 tegen de netten, waarmee de USSR voor het eerst achterop hinkte.
 
De sfeer rond de piste van Lake Placid was intussen extatisch. Het Amerikaanse team, en dan vooral doelman Jim Craig die maar liefst 39 saves op zijn palmares schreef, stopten de aanhoudende aanvallen van de USSR af en hielden vol tot op het einde. Bij het fluitsignaal sprongen de toeschouwers recht, wetende dat ze net een wonder op het ijs hadden aanschouwd.
 
Golden boys
 
Twee dagen later versloegen de Amerikanen Finland in de laatste wedstruhd van de Winterspelen met 4-2, nog op een roze wolk na hun overwinning tegen de Russen. De ploeg van onervaren universiteitsstudenten werd tegen alle verwachtingen in de tweede, en tot op vandaag de laatste, die een gouden medaille in het ijshockey naar de Verenigde Staten bracht.
 
In 2004 kwam de film ‘Miracle’ in de zalen over de triomftocht, met Kurt Russell in de rol van Herb Brooks. En de Amerikaanse coach werd nog op een andere manier gelauwerd. In 2005, om de 25ste verjaardag van de miraculeuze overwinning te vieren, werd de ijspiste in Lake Placid waar het allemaal plaatsvond omgedoopt tot de Herb Brooks Arena.
 
Andermaal… In sport is alles mogelijk!