De electro-helden van Holland

Hoe hebben Robbert van de Corput uit Breda, Martijn Garritsen uit Amstelveen en Nick van de Wall uit Spijkenisse het geschopt tot de grootste sterren van de elektronische dance? Met een flinke brok Nederlandse branie, een scherp oor en het goede voorbeeld van peetvader Tiësto.

De hoogste onderscheiding in de wereld van de elektronische muziek is de nummer 1-stek in de Top 100 van het Britse DJ Mag. De Fransman David Guetta heeft de koppositie in die ranglijst dit jaar overgenomen van onze eigen Dimitri Vegas & Like Mike, maar de voorbije tien jaren ging de titel bijna uitsluitend naar Nederlandse dj’s. Martijn Garritsen, beter bekend als Martin Garrix, was ’s werelds beste platendraaier van 2016 tot 2018. Opvallend: hij was amper 20 toen hij op dat hoogste schavot mocht gaan staan. Nog opvallender: zijn doorbraak, met de track ‘Animals’, forceerde hij op de gezegende leeftijd van … 16. Die andere Nederlandse wonderboy, Robbert van de Corput oftewel Hardwell, voerde de DJ Mag-lijst aan in 2013 en 2014. Hardwell was 19 toen hij voor het eerst van zich liet spreken, vijf jaar later lag de wereld aan zijn voeten. In 2018 kondigde de man uit Breda tot ieders grote verrassing zijn afscheid als dj-producer aan, maar nauwelijks een jaar later stond hij al terug aan de top. Ook een vaste waarde in de hoogste regionen van de DJ Mag-ranglijst: Afrojack, de artiestennaam van de rijzige Nick van de Wall, die al sinds 2007 het mooie weer maakt van achter zijn decks.

Top of the bill

Martin Garrix, Hardwell en Afrojack gelden als de vaandeldragers van EDM, de razend populaire en commercieel gekleurde vorm van elektronische dansmuziek. Vooral in de Verenigde Staten scheert EDM hoge toppen, reden waarom de Nederlandse top-dj’s de voorbije jaren zo goed als elke week in de hipste clubs in Las Vegas en Los Angeles stonden. Zonder overdrijven: op The Strip in Las Vegas kon je hen soms alle drie in hetzelfde weekend gaan toejuichen. Met als absolute top of the bill: Tiësto. Tijs Verwest, zoals de man uit Breda voor de burgerlijke stand heet, wordt beschouwd als de allergrootste dj in de VS en bij uitbreiding de rest van de wereld. Als resident in club Hakkasan in Las Vegas rijft hij naar verluidt 50.000 dollar per uur binnen. Ere wie ere toekomt: hij was ook de eerste die het oneerbiedige beeld van de dj als simpele platendraaier wist bij te stellen. Een dj kan pas écht succes hebben als hij zijn eigen nummers draait, verklaarde hij in 2003. Vandaag een evidentie, toen ongehoord. Hij beantwoordt in de verste verte niet aan het andere ‘traditionele’ beeld van de dj die overdag in bed of in de sofa ligt en zich wentelt in luiheid. “Ik werk keihard. Dat komt voort uit een soort geldingsdrang. Ik ben opgegroeid in een volksbuurt en al op jonge leeftijd had ik voor mezelf uitgemaakt dat ik alles zou proberen om niet in die buurt vast te roesten. Ik heb jarenlang 20 uur per dag gewerkt aan mijn dj-carrière. Als je wil bereiken wat ik heb bereikt, moet je beseffen dat je het niet in de schoot krijgt geworpen. Je moet er alles voor aan de kant zetten. En dat is een zware opoffering. Toen het op mijn 28ste na verwoede pogingen nog niet was gelukt, dacht ik: ik ga me niet meer druk maken, ik zie wel wat er gebeurt. En net toén gebeurde het.” (Out Soon, 2003)

Gouwe ouwe

Samen met zijn landgenoot Armin van Buuren veroverde Tiësto de wereld met trance, een subgenre uit de elektronische muziek met beats én rijke melodieën. Trance werd aanvankelijk aanzien als een minderwaardig genre, maar die minachting verdween, mede dankzij van Buuren: “Trance-artiesten hebben lang het stigma gedragen van poenpakkers. Ik kan niet ontkennen dat sommigen enkel geïnteresseerd lijken in geld, maar er zijn ook artiesten en dj’s met het hart op de juiste plaats. Ik vind dat Tiësto, Ferry Corsten en ikzelf niet onder de noemer trance horen. Ik krijg boekingen voor commerciële feesten waar ik een bom geld kan verdienen, maar die sla ik meestal af. Ik volg mijn hart.” (Out Soon, 2003) Euh, Ferry Corsten? Nooit de populairste van het pak, maar wel al 25 jaar top. De man uit Rotterdam surfte eerst op de golf van hardcore gabber, scoorde in 1996 een hit met ‘Don’t Be Afraid’ (onder de naam Moonman) en draait nog steeds op volle toeren. Ook Utrechtenaar Fedde Le Grand, in 2006 hot as hell met ‘Put Your Hands Up For Detroit’, behoort stilaan tot de gouwe ouwe-club. Hoe hij zijn echte naam al die tijd verborgen heeft weten te houden, blijft een raadsel.

Elvis Presley

De vreemde eend? Gert van Veen, het brein achter Quazar, was in '88 de eerste Nederlandse popjournalist die het opnam voor house. Zijn collega's noemden hem een verrader van de goede zaak, van Veen zette hen weg als “schrijvers voor een culinaire rubriek, terwijl ze enkel frieten lusten.” Quazar beïnvloedde een hele generatie van Nederlandse elektronica-artiesten, van Veen haalde zelf zijn inspiratie in ‘traditionele’ muziek. “Luister naar vroege rock & roll en punk: dat ging puur om opwinding en energie. Voor mij is er niet zoveel verschil tussen elektronische muziek en rock, behalve dat je andere instrumenten ter beschikking hebt om je gevoelens mee uit te drukken.” (Out Soon, 1995) En dan is er nog Tom Holkenborg, zeg maar Junkie XL. Na zijn bewerking van ‘A Little Less Conversation’ van Elvis Presley voor de film ‘Ocean’s Eleven’ bouwde hij een aardig fortuin op als componist van elektronica-soundtracks voor tal van Hollywood-films. “Ik ben blij dat ik die Elvis-remix heb gedaan, omdat ze staat voor wat ik wil bereiken, namelijk een hybride muziekvorm tussen pop en dance. Verder wil ik er niet bij blijven stilstaan. Ik heb waanzinnig veel geld aangeboden gekregen om een heel album te maken met Elvis-remixen, maar dat leek me een slecht idee. Ik vond het cool om die onbekende track te herwerken. Zowel clubbers als huisvrouwen vonden het te gek. Hoe vaak gebeurt zoiets?! ‘Love Me Tender’ met een housebeat is niét cool. Dat nummer is al perfect, daar moet je met je poten van afblijven.” (Out Soon, 2003)

Muziek

Bekijk alles
Top