One day, one goal: de verschroeiende uithaal van Steven Gerrard

Liverpool-boegbeeld Steven Gerrard is niets minder dan een monument op Anfield. De draaischijf op het middenveld maakte van The Reds een geoliede machine die tussen 2005 en 2010 schitterde op het Europese toneel. Het aandeel van Gerrard in dat gouden hoofdstuk is niet te versmaden: de kapitein schonk zijn team meermaals de winst met een beslissend doelpunt op een zucht van het einde. Zo ook in 2004, in de Champions League-match tegen Olympiakos.

Na verliespartijen tegen Olympiakos en AS Monaco moest Liverpool zijn laatste partij in de groepsfase absoluut winnen om zich te kwalificeren voor de achtste finales van de Champions League. In die groepsfase hadden de Engelsen geen al te zekere indruk nagelaten: Gerrard en co. waren uit op eerherstel. In het Anfield-stadion moest Olympiakos voor de bijl. 
 
Het was erop of eronder: de Grieken hadden in groep A drie punten voorsprong op Liverpool, dat op de derde plaats stond. Enkel winst met meer dan twee doelpunten verschil kon de roodhemden naar de volgende ronde brengen, in elk ander scenario was de uitschakeling onvermijdelijk – een uitschakeling die niets minder dan een blamage zou betekenen voor de fiere Reds, wiens groepsmatchen zich in deze makkelijke poule als een walk in the park aankondigden

Door het oog van de naald

De partij was een ware nagelbijter. Na een rake vrije trap van een Rivaldo in bloedvorm vlak voor het half uur moest Liverpool met een 0-1 achterstand de kleedkamers in. Twijfel maakte zich meester van de tribunes, de uitschakeling leek nakend. Maar de troepen van Rafael Benítez rechtten de rug – zoals ze ook een paar maanden later zouden doen in de CL-finale tegen AC Milan – en kwamen na rust langszij via Florent Sinama Pongolle. Met de moed der wanhoop trokken ze ten aanval. Toen invaller Neil Mellor de thuisploeg tien minuten voor affluiten op voorsprong bracht daverde het hele stadion op zijn grondvesten. Het geloof wakkerde aan als een steekvlam boven een smeulend kampvuurtje.
 
In de slotminuten werden The Reds vooruit gedreven onder de oorverdovende aanmoedigingen van het thuispubliek. Met nog goed 3,5 minuten op de klok zag Steven Gerrard, die moederziel alleen op twintig meter van het vijandelijke doel postgevat had, een afvallende bal uit het strafschopgebied zijn richting uitkomen. Hij twijfelde geen seconde. Anfield hield zijn adem in toen de aanvoerder met zijn loodzware rechter de nastuiterende bal richting doel poeierde, in een soort halve volley. De lage streep viel dood in de rechterhoek, waarbij de doelnetten in Anfield stevig op de proef gesteld werden. Het stadion beleefde een waar delirium: Liverpool ging door naar de volgende ronde.
 

Gerrard De Verlosser

Enkele maanden later zou Liverpool de beker met de grote oren winnen na een spectaculaire comeback in de finale tegen AC Milan. Het had geen haar gescheeld of The Reds waren al in de groepsfase gesneuveld. Gerrard De Verlosser bracht een zoveelste keer redding. De trouwe krijger drukte die jaargang zijn stempel op de Europese succescampagne van Liverpool.

De memorabele wereldgoal staat op het netvlies gebrand van iedereen die de club een warm hart toedraagt. Gerrard, de huidige manager van Rangers, sprak jaren nadien in de Britse krant The Independent over zijn moment de gloire op die fameuze decemberavond in 2004: “Het was één van de beste schoten die ik ooit afgevuurd heb”, klonk het. “Ik raakte de bal perfect. Als je in die positie staat en je het risico neemt om te schieten, is het alles of niets. Als ik mijn favoriete doelpunt zou moeten kiezen, zou ik op basis van de ontlading en verbondenheid met het publiek voor deze kiezen.”

Fan van deze reeks? Lees onze vorige aflevering, over de krulbal van Fabio Grosso.

UEFA Champions League

Bekijk alles
Top