×
×

Visie

Nieuws filtering op :

Succesrecepten voor een slimme stad

Visiedoor One21/11/2016

Volgens de V.N. woont al ruim 54% van de wereldbevolking in een stad. In 1950 was dat 30%, in 2050 zal dat 66% zijn. Professor Pieter Ballon stelt in zijn boek ‘Smart Cities’ vijf maatregelen voor om van de invoering van de slimme stad een succes te maken.

De smart city mag zich tegenwoordig in heel wat aandacht verheugen. Het woord ‘hype’ is misschien overdreven, maar toch. En daar moeten we voorzichtig mee zijn, zegt professor Ballon. “We mogen niet uit het oog verliezen dat de smart city geen zaak is van de stad alleen. Alle actoren, bedrijven en burgers moeten er bij betrokken worden. Zo kunnen steden hun interne slagkracht en competenties verhogen, zonder dat die kennis te gefragmenteerd wordt.”

Levend lab

In het smart city-verhaal wordt vaak gesteld dat België hopeloos achterloopt. Professor Ballon geeft vijf concrete aanbevelingen om die achterstand snel in te lopen. “Mijn eerste aanbeveling is dat er eigenlijk een permanent ‘living lab’ zou moeten geïnstalleerd worden, een soort proeftuin of platform voor innovatie waar onderzoekers snel nieuwe zaken kunnen testen. Dat hoeft niet in de volledige stad te zijn, maar op het niveau van een wijk of zelfs een straat. Zoiets is vrij gemakkelijk te introduceren.” 

Realistisch en meetbaar

De tweede aanbeveling gaat over de doelstellingen die we onszelf moeten opleggen. Die zijn vaak nog veel te vaag, aldus de professor. “Steden zeggen vaak: “Wij gaan een slimme stad worden”. Ik  pleit ervoor om met enkele, meetbare doelen te beginnen: “we gaan het aantal fileminuten zoveel laten dalen”. Of: “het aantal start-ups in de stad moet met zoveel procent stijgen”. Dat is veel concreter en realistischer.” 

Digitale bouwmeester

Steden die hiermee aan de slag willen gaan, moeten hiervoor ook een verantwoordelijke aanduiden, meent Ballon. “Dat moet iemand zijn die de technologische kant van de zaak begrijpt, maar die dat ook strategisch en organisatorisch kan vertalen. Het heeft geen zin om de bestaande structuren compleet op zijn kop te zetten. Je moet wel een leider hebben, een soort digitale bouwmeester, die met een fatsoenlijk budget aan de kar kan trekken.”

Open en gestandaardiseerd

Ten vierde is het noodzakelijk dat die digitale bouwmeester het overzicht bewaart en zich niet te veel op individuele diensten focust. “Alleen zo garandeer je interoperabiliteit en openheid”, zegt Ballon. “En alleen zo kom je tot standaardisering. Uiteindelijk niet alleen in de stad, maar ook op Belgische en zelfs Europees niveau. Er mogen geen silo’s tussen de verschillende steden en diensten komen.”

Slimme Regio’s

De laatste aanbeveling haakt hier op in. “Je moet het begrip smart city op een hoger niveau zien dan enkel de stad”, geeft Ballon nog mee. “Het moet een Smart Flanders worden, of zelfs Smart Europe. De zes grootste steden van Finland hebben dat al begrepen. Geen enkele stad kan daar nog individueel een Smart City-project opzetten. Er moet met minstens twee of drie steden samengewerkt worden. Daar moeten wij ook naar toe.” 

Over de auteur

Pieter Ballon is master in de Hedendaagse Geschiedenis en doctoreerde in de Communicatiewetenschappen. Hij is verbonden aan de VUB en onderzoeksleider van de groep Media, Markt en Innovatie bij IBBT-SMIT en hoofd van IBBT-iLab.o, het lab voor open innovatie in ICT. Bij iMinds, het digitale onderzoekscentrum van de Vlaamse overheid, is hij de expert in smart cities.

One

One

One is het ICT-vakblad van Proximus voor CIO’s en ICT-professionals van grote en middelgrote ondernemingen. 

One is het ICT-vakblad van Proximus voor CIO’s en ICT-professionals van grote en middelgrote ondernemingen. 


Geef je mening over dit news

Wil je je mening delen of een commentaar posten?

Log je in via facebook.